Mari Mari Cultural Village: De ultieme gids voor je bezoek in 2026
Wie een paar dagen in Kota Kinabalu verblijft en meer wil zien dan stranden en eilanden, komt al snel uit bij Mari Mari Cultural Village. Dit openluchtmuseum ligt verscholen in de groene Kiansom Valley, op ongeveer een half uur rijden van de stad. Alles draait er om de ervaring hoe de vroegere stammen van Borneo geleefd hebben. Je wandelt door een junglepad, steekt kleine hangbruggen over en bezoekt authentieke huizen van verschillende inheemse stammen uit Sabah. Onderweg geven gidsen demonstraties, laten bewoners oude ambachten zien en proef je lokale gerechten. Het resultaat is verrassend leuk en leerzaam, vooral als je het museum met kinderen bezoekt. Je leert niet alleen hoe mensen hier vroeger leefden, maar krijgt ook een beter beeld van de enorme culturele diversiteit van het Maleisische deel van Borneo.
Een dorp dat de cultuur van Sabah samenbrengt
Mari Mari Cultural Village is opgezet rond vijf belangrijke etnische groepen uit Sabah: de Dusun, Rungus, Lundayeh, Bajau en Murut. Elke gemeenschap heeft een eigen zone met traditionele huizen en demonstraties.
De route door het dorp volgt een logisch pad door de jungle. Bij elk huis vertelt een gids hoe deze groepen zich aanpasten aan hun omgeving. Sommige stammen leefden vooral van rijstbouw in de bergen, terwijl anderen zich specialiseerden in visserij of handel langs de kust.
Wat het bezoek extra interessant maakt, is dat de demonstraties niet alleen voor toeristen zijn opgezet. Veel van de ambachten – van koken in bamboe tot het maken van muziekinstrumenten – worden nog steeds binnen de lokale gemeenschappen doorgegeven.
In de afgelopen jaren is ook meer aandacht gekomen voor duurzaam toerisme. Een deel van de opbrengsten van het dorp gaat rechtstreeks naar het behoud van lokale tradities en educatieprogramma’s voor jongere generaties.
De Dusun: rijst, regels en tradities
De meeste rondleidingen beginnen bij de Dusun, de grootste etnische groep van Sabah. Binnen deze gemeenschap bestaan meer dan zeventig subgroepen, elk met hun eigen variaties in cultuur en taal.
Het eerste wat opvalt bij het Dusun-huis is de grote rijstopslag, de zogenaamde Tangkob. Rijst was eeuwenlang het fundament van het dagelijks leven. Het bepaalde niet alleen het dieet, maar ook sociale regels en tradities. De gids vertelt hier vaak over de strenge wetten van vroeger. Diefstal van rijst werd als een zwaar misdrijf gezien. In extreme gevallen kon de straf zelfs onthoofding zijn. Hoewel de Dusun niet bekendstonden als actieve koppensnellers, laat het verhaal zien hoe belangrijk voedselzekerheid was.
Binnen in het huis krijg je een indruk van de familiedynamiek. Ouders hadden een eigen ruimte, terwijl kinderen meestal samen sliepen in een gedeelde ruimte binnen de woning. Een interessant detail is de verhoogde slaapkamer voor dochters. De ladder werd ’s nachts weggehaald om ongewenste bezoekers buiten te houden, terwijl de jongens beneden sliepen. Zij fungeerden als een soort nachtelijke bewakers van het huis.
Hier proef je ook een paar lokale specialiteiten. Een daarvan is Lihing, een traditionele rijstwijn gemaakt van gefermenteerde rijst. Daarnaast wordt vaak bamboo sticky rice geserveerd: rijst, kip, kruiden en groenten die samen in een bamboebuis boven een open vuur worden gegaard. Het resultaat is echt heerlijk.
Rungus longhouses en leven onder één dak
Eén van de meest indrukwekkende gebouwen in het dorp is het traditionele huis van de Rungus. Hun longhouses waren vroeger complete dorpen onder één dak.
Sommige van deze huizen konden honderden meters lang zijn en boden onderdak aan tientallen families. Alles draaide om de gemeenschap. Iedereen leefde dicht bij elkaar en dagelijkse activiteiten vonden plaats in gedeelde ruimtes. Binnen zie je hoe bewoners kleding en touwen maakten van boomschors. Deze techniek werd eeuwenlang gebruikt voordat textiel makkelijk verkrijgbaar werd. Een opvallend detail is de manier waarop krijgers hun successen lieten zien. In sommige huizen werden trofeeën of symbolische voorwerpen opgehangen om de status van een jager of krijger te tonen.
Hoewel dit vandaag vooral als cultureel erfgoed wordt gezien, geeft het een inkijkje in een tijd waarin overleven in de jungle vaak letterlijk een kwestie van leven of dood was.
Lundayeh: vuur, jacht en vakmanschap
Even verderop ligt het huis van de Lundayeh. Deze gemeenschap stond bekend om de vaardigheden in jacht en overleven in de jungle.
Tijdens de demonstratie laat een gids zien hoe vuur kan worden gemaakt met niets meer dan bamboe en droge vezels. Het lijkt eenvoudig, maar blijkt toch best lastig als je het zelf probeert. Ook de beroemde blaaspijp – een traditioneel jachtwapen – komt hier aan bod. Bezoekers zien hoe kleine pijltjes worden gemaakt en hoe deze vroeger met gif werden behandeld om prooien snel uit te schakelen. Vaak mag je zelf ook een keer op de roos schieten.
Veel voorwerpen in dit gedeelte zijn gemaakt van Borneo ironwood, een extreem harde houtsoort die bekendstaat om zijn duurzaamheid. Van keukengerei tot draagconstructies voor baby’s: bijna alles werd lokaal geproduceerd met materialen uit de jungle.
Tussen de huizen klinkt soms traditionele muziek. Een instrument dat vaak wordt gedemonstreerd is de Kulin Tangan, dat qua klank doet denken aan de gamelanorkesten uit Indonesië.
Bajau: kleurrijke huizen en zeehandel
De Bajau hebben een heel andere achtergrond dan de bergstammen. Oorspronkelijk stonden ze bekend als zeevaarders en handelaren. Hun huizen in het dorp zijn opvallend kleurrijk versierd. Dit vormt een duidelijk contrast met de sobere bamboeconstructies van andere stammen. Omdat veel Bajau tegenwoordig moslim zijn, heeft het huis ook een kleine gebedsruimte. Toch zie je dat oudere animistische tradities nog steeds zichtbaar zijn in decoraties en symbolen.
Bij deze stop mogen bezoekers verschillende kuih proeven – kleine Maleisische snacks gemaakt van rijstmeel, kokos en palm-suiker. Ze worden vaak ter plekke bereid en zijn een leuke kennismaking met de lokale keuken.
Murut: krijgers en de beroemde Lansaran
De rondleiding eindigt meestal bij de Murut, een stam die historisch bekendstond om haar krijgerscultuur.
Murut-longhouses konden tot wel twintig families huisvesten. Binnen speelde het sociale leven zich grotendeels af in een grote gemeenschappelijke ruimte. Hier staat ook de Lansaran, een houten trampoline die in de vloer van het huis is gebouwd. Oorspronkelijk werd deze gebruikt als training voor krijgers. Door op de verende constructie te springen probeerden ze voorwerpen te raken die hoog aan het plafond hingen. Vandaag is het vooral een speelse uitdaging voor bezoekers. Het lijkt makkelijker dan het is, maar een paar pogingen leveren meestal veel gelach op.
Show met dans en muziek
Na de rondleiding kom je uit bij het theater waar iedereen plaatsneemt en waar zodra alle groepen er zijn een opvoering start. Alle mensen die je eerder zag bij de verschillende huizen/stammen zie je nu in traditionele kledij hun dans doen op de maat van hun eigen muziek. Op het eind mag iedereen (vooral de kinderen) opstaan en mee het podium op om mee te dansen en om daarna met de verschillende stammen op de foto te gaan.
Proef de authentieke keuken van Sabah
Na de rondleiding volgt een maaltijd in traditionele stijl. Het eten wordt meestal geserveerd in een grote longhouse-ruimte, waardoor de ervaring meteen authentiek aanvoelt.
Het menu bestaat uit lokale gerechten zoals gestoomde rijst, gegrild vlees, groenten uit de jungle en verschillende bijgerechten. Vaak zijn er ook lichte desserts met kokos of palm-suiker. Hoewel het geen luxe restaurantmaaltijd is, geeft het buffet een goede indruk van de keuken van Sabah. Vegetarische opties zijn meestal beschikbaar als je dit vooraf bij je reservering aangeeft.
Bij de maaltijd worden lokale thee en koffie geserveerd. Andere drankjes zijn apart verkrijgbaar (voor een paar ringgit).
Planning en logistiek rondom je bezoek
Mari Mari is een populaire attractie en er zijn per sessie een maximaal aantal deelnemers mogelijk. Je kunt altijd ter plekke kijken of er nog tickets beschikbaar zijn, maar eigenlijk boekt vrijwel iedereen deze uiterlijk 1 dag ervoor online. Dit kan via de officiële website van Mari Mari Cultural Village. Volwassenen betalen RM130 en kinderen RM110. Dit lijkt een flink bedrag, maar dit is naast de toffe rondleiding inclusief een complete lunch of diner (afhankelijk van welke sessie je boekt).
Het hoofdkantoor bij aankomst is goed georganiseerd. Hier meld je je aan en word je toegewezen aan een groep met een gids. Er is een kleine winkel voor souvenirs waar je handgemaakte items van de verschillende stammen kunt kopen. Parkeren is doorgaans geen probleem als je met eigen vervoer komt; er is voldoende ruimte op de grote parking voor het complex.
Mari Mari Cultural Village werkt niet met vrije inloop, maar met twee sessies per dag: de ochtendsessie om 10.00 uur en de middagsessie om 14.00 uur. De ochtendsessie is veruit het populairst omdat de temperatuur in de jungle dan nog relatief mild is. De middagsessie die overloopt in de schemering heeft echter een magische sfeer wanneer de fakkels in het dorp aangaan.
Hoe kom je bij het dorp?
Mari Mari ligt op ongeveer 25 tot 30 minuten rijden van het centrum van Kota Kinabalu. Er is geen openbaar vervoer, dus je bent aangewezen op de volgende opties:
Georganiseerde tour: De meeste reizigers kiezen hiervoor. Touroperators regelen de pick-up bij je hotel en de drop-off na afloop. Dit is de meest zorgeloze optie.
Grab: Een Grab naar het dorp nemen is eenvoudig en goedkoop. Het vinden van een rit terug naar de stad kan echter lastig zijn of lang duren, omdat chauffeurs niet altijd in de buurt van de Kiansom-vallei rondrijden. Spreek eventueel met je chauffeur af dat hij je op een bepaalde tijd weer ophaalt.
Huurauto: Als je zelf rijdt, is de weg eenvoudig te vinden via navigatie. Een grote bonus van eigen vervoer is dat je het bezoek kunt combineren met een uitstapje naar het nabijgelegen Kokol Hill. Hier geniet je van een schitterend uitzicht over Kota Kinabalu en de omliggende eilanden, de perfecte plek voor een drankje tijdens de zonsondergang.
Praktische tips voor je bezoek
- Boek je bezoek minimaal een paar dagen van tevoren, want de plekken zijn snel vol en de groepsgroottes zijn beperkt.
- Draag comfortabele wandelschoenen; je loopt over oneffen paden en door traditionele huizen.
- Neem insectenspray mee, want in de jungle zijn muggen altijd actief.
- Zonnebrandcrème en een hoed zijn essentieel voor de zonnige stukken tussen de huizen.
- Neem een fles water mee voor onderweg, al worden er tijdens de tour ook drankjes aangeboden.
- Houd wat contant geld bij de hand voor handgemaakte souvenirs bij de verschillende stammen.
- Als je geen genoeg krijgt van de cultuur, bezoek dan ook het Borneo Cultural Village. Dit ligt iets verder van de stad, maar is uitstekend te combineren met andere uitstapjes voor een volledige dagtocht.
- Geef dieetwensen direct door bij je reservering om teleurstelling bij het buffet te voorkomen.
- Voor wat verkoeling na het bezoek aan Mari Mari ga je naar de Ulu Kionsom waterval die iets verderop ligt.
Deel je tips
Heb je leuke tips die je met ons en met de andere lezers wilt delen? Ken je toffe plekjes in Maleisië die we tijdens onze volgende trip naar het land zeker moeten bezoeken? Deel je tips en andere weetjes door hieronder een reactie achter te laten.
Ga je binnenkort zelf op vakantie naar Maleisië en heb je vragen m.b.t. accommodatie, vervoer, attracties en andere bezienswaardigheden of heb je input nodig met het opstellen van je reisplan? Stel je vragen hieronder of in onze reiscommunity Vrienden van Maleisië.
Wil je verder makkelijk op de hoogte blijven van onze avonturen? Volg dan onze Facebook pagina.










































![Kokoswater bij Mari Mari Cultural Village (Kota Kinabalu)]](http://www.veelzijdigmaleisie.nl/attracties/wp-content/uploads/sites/4/2026/03/mari-mari-cultural-village-kota-kinabalu-42.jpg)






