
Olaf, een Nederlandse touroperator die aan de rand van Kota Kinabalu woont, haalde ons af bij het vliegveld en bracht ons naar zijn huis (bed & breakfast). Het huis ligt op een prachtige locatie langs een rivier en met uitzicht op de bergen. We ontmoetten zijn vrouw, dotjes van kinderen en de hond, Sonja. We hadden een leuke dag. 's Avonds maakten we het niet te laat, want de volgende dag zouden we beginnen aan de klim van Gunung Kinabalu. Olaf waarschuwde ons voor de berg, vertelde hoe vermoeiend het was, hoeveel mensen halverwege op moesten geven, en hoe afgemat we de dagen na de klim waarschijnlijk zouden zijn. Fijn om te horen, zo vlak voor vertrek!! We hebben de avond voor vertrek nog wel heerlijk gegeten bij een grote hawker in Kota Kinabalu.

Gunung Kinabalu, de naam van de berg die we nooit meer vergeten. De berg kende hoge pieken en diepe dalen, die wij hebben meegemaakt. De diepe dalen overheersten tijdens de klim. De berg is 4095 meter hoog...de beklimming is een enorme inspanning geweest. Ik ben er nog brak van...
Op 15-09 werden we om 6.00 door de (Maleisische) schoonmoeder van Olaf gewekt. We hadden die nacht bij hem geslapen, hij runt namelijk ook een soort kleine homestay. Vanaf zijn veranda heb je al redelijk goed zicht op de berg in de verte. We wisten toen maar half waar we aan zouden beginnen.

Om 7.00 vertrokken we met Olaf naar de voet van de berg, een autotocht van zo'n 2 uur. Om 9.30 begonnen we aan de klim. Het was een vreemde gedachte dat we pas de volgende morgen aan de top zouden staan. Daarbij was het maar de vraag of we het zouden redden, aangezien we vooraf flink wat verhalen hadden gehoord.

We hadden een goede gids, Januarius nogwat nogwat, een christen (geen moslim...) die de berg zelf al tig keer had beklommen als gids. Om de 500 meter namen we wat rust. Het startpunt ligt op 1800 mtr, van hieruit liepen we in 4 uur en 15 minuten naar de slaapplaats. Dit hostel lag op 3300 meter, en op zo'n 6,2 kilometer lopen vanaf het startpunt.

De tocht omhoog ging redelijk ok. Het was enorm steil, ook dat had ik niet van tevoren verwacht. Het was echt recht omhoog...alsof je een trap met een paar duizend treden bestijgt. Olaf had voor ons een privé kamer geregeld, hierdoor sliepen we alleen op een kamer, wat de nachtrust wel ten goede kwam. We sliepen om 20.00 en werden om 2.30 door de gids gewekt voor de barre tocht naar de top. Dit was een traject van 2500 meter. Het was aardedonker, en je zag niet wat er 20 meter van je vandaan zat (maar goed ook, want de weg terug met licht was wel even schrikken, richeltjes, ravijnen etc....)..

Op sommige stukken moest je met touwen klimmen. Op een kilometer van de top liep je over een soort maanlandschap, het was daar zo'n 1 graad boven nul, en ijzig koud door een flink scherpe wind. We kwamen net op tijd aan op de top van de berg, zodat we de zonsopgang nog mee konden maken. De zon kwam rond 5.40 op. Het was erg mooi om daar uiteindelijk te staan. We hoorden (achteraf) verhalen dat veel mensen niet eens gestart waren in de nacht. Die hadden al te veel spierpijn, en andere problemen. Ook waren er een aantal die door hoogteziekte (altitude sickness) naar beneden moesten (opgeven), die gaven over en konden dus niet verder. Degenen die het wel haalden waren allemaal euforisch.

De weg terug was voor mij wellicht nog wel zwaarder, de belasting op de knieën is enorm. We kwamen rond 9.00 in de morgen weer aan bij het huisje. Hier hebben we een uurtje gepauzeerd, en daarna weer verder naar beneden. Dit 2e traject was erg zwaar. Ik had 2 ibuprofennetjes nodig, omdat mijn knieën het niet meer hielden. Half strompelend de berg af, maar gelukkig op tijd terug bij de start.

Maar ja...dan ben je weer veilig beneden...en dan is alleen al het mooie bij mij blijven hangen. Prachtige vergezichten, een prachtige zonsopgang. Het gevoel van overwinning bij aankomst, en terugkomst. Ben bijna trots zoiets te hebben geflikt. Een keer en absoluut nooit meer.

De dag na de berg kunnen we niet meer lopen. Met Ilya ging het al snel weer wat beter, maar ik heb nog 6 dagen spierpijn gehad! Na de bergbeklimming hebben we nog 1 nachtje bij Olaf geslapen in Kota Kinabalu (de stad vlak bij de berg). De volgende morgen zijn we wederom om 6.00 opgestaan, om vervolgens om 7.30 het vliegtuig naar de andere kant van Sabah te nemen. Eindbestemming Sandakan, een middelgrote stad in het oosten van Sabah.